direct naar inhoud van Artikel 4 Bedrijventerrein
Plan: Wymbritseradiel-West
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.06830000Greonterp-

Artikel 10 Sportdoeleinden

 

1.              Bestemmingsomschrijving

De op de plankaart voor "sportdoeleinden" aangewezen gronden zijn bestemd voor:

a.              sportvoorzieningen met daarbij inbegrepen (additionele) voorzieningen als was- en kleedruimten, kantine, bergings- en stallingsruimten en verenigingsgebouwen;

b.              groenvoorzieningen, met dien verstande dat voor de gronden op de plankaart aangeduid met "opgaand groen" dient te worden uitgegaan van behoud van de bestaande opgaande beplanting;

c.              openbare nutsvoorzieningen;

d.              verkeers- en verblijfsvoorzieningen;

e.              water.

 

2.              Bouwvoorschriften

a.              Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van sportvoorzieningen gelden de volgende bepalingen:

1.              gebouwen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd;

2.              in afwijking van het bepaalde onder 1 mag buiten het bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat:

-                 de gezamenlijke oppervlakte aan gebouwen buiten het bouwvlak niet meer dan 100 m² mag bedragen;

-                 de goot- en bouwhoogte niet meer dan respectievelijk 3 m en 5 m mag bedragen;

3.              de goot- en bouwhoogte mag niet meer dan de op de plankaart aangeven goot- en bouwhoogte bedragen;

4.              er mogen geen dienstwoningen worden gebouwd.

 

 

b.              Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:

1.              de bouwhoogte van lichtmasten en andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de sportvoorzieningen mag niet meer dan 15 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van terrein- en erfscheidingen niet meer dan 2 m mag bedragen;

2.              de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen.

 

3.              Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen, met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van:

-                 de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;

-                 de sociale veiligheid;

-                 het straat- en bebouwingsbeeld;

-                 de verkeersveiligheid;

-                 de woonsituatie,

nadere eisen stellen aan de plaats en oppervlakte, goothoogte en bouwhoogte van de bebouwing.

 

4.              Gebruiksvoorschriften

Het is verboden de gronden en bouwwerken te gebruiken dan wel te laten gebruiken in strijd met de in lid 1 gegeven bestemmingsomschrijving. Als verboden gebruik wordt in elk geval aangemerkt:

-                 het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen.

 

 

5.       Vrijstelling van de gebruiksvoorschriften

Burgemeester en Wethouders verlenen vrijstelling van het bepaalde in lid 4, indien strikte toepassing van dit voorschrift leidt tot een beperking van het meest doelmatige gebruik die niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.